Tegen de klippen op

Geloven in een 'helse' wereld

Het blijft een moeilijk ding: geloven – in een wereld die zo vaak een ‘hel’ is.
Een boektitel als Christelijke theologie na Auschwitz zegt al genoeg.
Auschwitz staat, zou je kunnen zeggen, symbool voor ‘de hel op aarde’.

Ook andere ‘helse’ plaatsen zijn er genoeg: symbolen van geweld – door de mens of door de natuur. Als nieuwste kwam deze maand Beiroet in het rijtje waarin ook namen staan als Utrecht (2019), Brussel (2016), Parijs (2015), Fukushima (2011), Haïti (2010), New York en Washington (9/11, 2001) – om maar een paar te noemen.

En in het klein kennen we in Nederland zo véél ‘helse’ plaatsen – te herkennen aan een ‘monument’ met bloemen langs de weg: ter nagedachtenis aan een slachtoffer van ongeluk of geweld.

Worstelen met een liefdevolle God

In zó’n wereld, die zo vaak een ‘hel’ is, geloven in een liefdevolle God… dat is voor veel mensen ‘te veel van het goede’.

Maar ook wie geen afscheid van God wil nemen, worstelt om die liefdevolle God en die ‘helse’ wereld met elkaar te rijmen. Met zo vaak als uitkomst: benoemen waar God wel en niet zichtbaar en aanwezig is, waar God zichtbaar is en waar het mensenwerk zichtbaar is.

Na de aanslag in Brussel in 2016 benoemde ChristenUnie-leider Gert-Jan Segers deze worsteling in zijn indringende column Nedergedaald ter Brussel.
De titel was in die zin goed, dat ik me erdoor liet overhalen de column te lezen.
Een column die aanhaakt bij die zin uit de Apostolische Geloofsbelijdenis: ‘nedergedaald ter helle’.
Een column over ‘het laatste woord sinds Pasen’. Naar aanleiding van de opmerking tijdens The Passion 2016: Dat lijden en dood niet het laatste woord hebben.
Een column met een boodschap die uiteindelijk werd samengevat in die éne zin ongeveer halverwege:

“Maar als ik geloof dat God betrokken is op de wederwaardigheden van een man ergens in de provincie Utrecht dan kan ik niet volhouden dat Brussel alleen maar mensenwerk is en dat God alleen maar te zien is in de hulpverlening na afloop”.

Mysterie

Precies dát is, lijkt mij, het mysterie dat – ruim 450 jaar geleden – een paar christenen onder woorden probeerden te brengen in de zo vaak verfoeide zondag 10 van de Heidelbergse Catechismus (maar lees dan ook meteen eerst even zondag 9, want die twee zijn niet los verkrijgbaar).

Ook dat was – en is – geen verklaring van alles wat er in de wereld gebeurt.
Laat staan dat het een studeerkamergeleerden-verklaring was – op veilige afstand van geweld en onrecht, moord en doodslag.
Voor hen zal het net zo ‘zwaar’ geweest zijn als voor wie dan ook in welke tijd dan ook.

Je krijgt het niet rond – het wereldgebeuren en de plaats en rol van God daarin: dat God regeert. Dat zijn Zoon Jezus Christus Koning is – wat wordt uitgebeeld in het Christusmonogram, met de Griekse letters chi en rho, die in het Latijn staan voor ‘CHristus Rex’: Christus is Koning.

Niet te bevatten

Het is ook niet rond te krijgen voor een mens.
Maar je kunt er niet omheen – als je tenminste in de Schepper gelooft of op de een of andere manier in de Schepper wilt blijven geloven..
Daarom heet het ook niet ‘begrijpen’ of ‘verklaren’, maar ‘belijden’: na-zeggen wat je wordt voor-gezegd. Juist in een wereld die zo vaak een ‘hel’ is, en waar geloven zo vaak ‘tegen de klippen op’ moet.

Het goede nieuws is: dat heeft zin.
Omdat de Schepper garandeert dat de dag komt dat alle hoofdpijndossiers van deze wereld gesloten zullen worden (Openbaring 21 vers 4 – maar lees de laatste twee hoofdstukken van de Bijbel vooral ook in z’n geheel).

Alleen – zoals die andere JC bij leven placht te zeggen – : Je gaat het pas zien als je het doorhebt.

 

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.